Effect van het Zijn op de mensenrechten.

 

 

© NLbe

Laatste aanpassing: 01-06-2007

 

 

Volgens het Effect van het Zijn op de samenleving is het effect van het Zijn op de mensenrechten:

 

 

Het recht om mens te zijn in plaats van een mens met rechten zijn.

 

 

Verklaring.

 

Volgens de basisfilosofie staat de samenleving voor de noodzaak de tot op heden gehanteerde grondslag van ontwikkeling en probleemoplossing, die bestaat uit het idee dat het leven en dus ook de mens maakbaar is, te vervangen door de éénwording van de mens met zijn Ware Zelf oftewel door de ontwikkeling van het Zijn.

 

Die vervanging houdt in dat de mens niet langer door zijn ego dus door zijn gedachten en gevoelens wordt gestuurd, maar door de innerlijke waarnemer ervan te weten zijn Ware Zelf. En dat houdt weer in dat de mens niet langer door de dualiteit van het deelaspect van het leven, dus door goed of kwaad (fout), maar door de singulariteit van het geheelaspect wordt gestuurd. Iets wat door de mens in het hier en nu wordt ervaren als het volmaakte oftewel als het volmaakt vrije en verantwoordelijke en daarmee als het volmaakt Zekere, Goede, Ware en Vervulde dat gelijk staat aan de volmaakte oplossing van ieder probleem al voordat het zich voordoet.

 

Wat betekent dit voor de mensenrechten?

De mensenrechten zijn bedoeld om de mens het recht te geven te bestaan of beter gezegd te zijn. In de praktijk betekent dit dat ze bedoeld zijn de mens te beschermen tegen al datgene wat hem in zijn bestaan bedreigt. De mensenrechten bestrijken echter slechts aspecten van het bestaan waardoor de geldigheid en de interpretatie ervan individueel en cultureel bepaald kan worden en dus ook bepaald wordt. Bovendien gaan er stemmen op die ervoor pleiten dat rechten gekoppeld moeten worden aan verantwoordelijkheden c.q. plichten. Kortom, de mensenrechten zijn niet, zoals ze pretenderen, universeel. Dit roept de vraag op hoe de mensenrechten wel universeel kunnen zijn? Het antwoord daarop luidt: door ze niet alleen te plaatsen in het aspect van de dualiteit van het leven, maar ook van de singulariteit. Want rechten hebben betrekking op delen/aspecten en zijn dus dualistisch terwijl de singulariteit het Geheel is en daarmee éénpuntig en dus universeel. Dat geschiedt voor wat betreft de aanduiding "de universele rechten van de mens" door deze te veranderen in "het universele recht om mens te zijn". Als dat geschiedt en bewaarheid wordt, dan voldoen de mensenrechten aan de bovenstaande grondslagverandering. Want dan wordt door deze rechten het recht van en tevens de verantwoordelijkheid jegens het Zijn gewaarborgd. Dat betekent dat ieder mens het recht en de verantwoordelijkheid heeft het Zijn te realiseren en te behouden. Daarmee wordt het recht van bestaan gewaarborgd omdat de mens dan niet meer de gevangene is van en daarmee gestuurd wordt door zijn gedachten en gevoelens oftewel door de dualiteit van het leven, maar één is met zijn Ware Zelf die de waarnemer en daarmee vrij is van zijn gedachten en gevoelens en gestuurd wordt door de singulariteit oftewel het Geheel van het leven. Dat betekent dat de mens in het Goede oftewel volmaakt vervuld is ongeacht de omstandigheden c.q. de ervaringen en het Goede doet ongeacht de consequenties voor zichzelf en zijn omgeving. Of anders gezegd, dan is de mens volmaakt in balans met zichzelf en zijn omgeving oftewel volmaakt vrij en verantwoordelijk. Kortom, dan is de mens volmaakt.

 

Het concrete belang van zijnsontwikkeling.

 

Het concrete belang van zijnsontwikkeling voor de mensenrechten is:

  • De realisering van de ware universaliteit van de mensenrechten.

  • De realisering van de wezenlijke bedoeling van de mensenrechten t.w. het recht van bestaan in de zin van volmaakt zijn.

  

De overgang naar zijnsontwikkeling als grondslag van ontwikkeling en probleemoplossing

 

In de basisfilosofie zijn enkele belangrijke tekenen in de samenleving vermeld die er op wijzen dat het einde van het maakbaarheididee en het begin van zijnsontwikkeling is aangebroken. Of anders gezegd, dat het einde van de gevangenschap van de sturing door gedachten en gevoelens (het ego) en het begin van de bevrijding ervan, dat nu nog bestaat uit het vrijspel voor het ego, is aangebroken. Deze tekenen zijn er vanzelfsprekend ook voor de mensenrechten.

 

Daarvan zijn de tekenen die het einde van het maakbaarheididee c.q. het vrijspel voor het ego aangeven:

  • De toenemende gouvernementele schending van de mensenrechten onder druk van de toenemende bedreigingen als gevolg van het einde van het maakbaarheididee (zelfs door democratische c.q. mensenrechten respecterende landen als bijvoorbeeld de USA).

  • De toenemende individuele schending van de mensenrechten onder druk van de toenemende bedreigingen als gevolg van het einde van het maakbaarheididee (vrij spel voor het ego).

  • De toenemende druk op de aantasting van de mensenrechten onder druk van de toenemende bedreigingen als gevolg van het einde van het maakbaarheididee.

  • De verwarring omtrent de onzuiverheid van het universele van de mensenrechten.

  • De ego/cultuur-centrische interpretatie en toepassing van de mensenrechten.

  • De discussie over de universele verantwoordelijkheden c.q. plichten van de mens.

De tekenen die het begin van zijnsontwikkeling c.q. "mens centraal" aangeven, zijn:

  • De opheffing van de integriteit van "de binnenlandse aangelegenheden" in geval van de schending van mensenrechten (Kosovo, Iraq, Afghanistan).

  • De institutionalisering van de berechting van de schending van mensenrechten (tribunalen, internationaal strafhof).

  • De massale mondiale protesten tegen de schending van mensenrechten.

Gelieve nieuwe tekenen te melden bij NLbe.

 

 

De belangrijkste belemmeringen van zijnsontwikkeling.

 

De belangrijkste belemmeringen om tot zijnsontwikkeling over te gaan en het te voltooien zijn:

  • De angst voor het verlies van controle over het leven (existentiële angst).

  • De angst voor het verlies van bezit (materie, aanzien, baan, relatie, enz.).

  • De angst voor gevoelens en vooral de onprettige gevoelens.

  • De angst voor het verlies van het denken als houvast.

  • De angst voor het leven zelf; het wantrouwen dat het leven niet het Goede met je voorheeft.

  • De angst voor het algemene taboe op innerlijke ontwikkeling en dus ook op zijnsontwikkeling. Dit taboe wordt in stand gehouden door oordelen en overtuigingen als: soft, zweverig, navelstaren, niet-realistisch, van de duivel, onwetenschappelijk, volmaaktheid bestaat niet, sturing door het Geheel bestaat niet (want God zit niet in je), het leven kan niet alleen uit therapie bestaan, te diepgaand, enz. enz.

 

NLbe hoopt dat het voorgaande voldoende is voor de invoering van zijnsontwikkeling als nieuwe grondslag van ontwikkeling en probleemoplossing. NLbe verzoekt een ieder die invloed heeft op deze invoering en bereid is die invloed aan te wenden zich te melden via Melding nieuwe grondslag Mensenrechten.

 

***

 

Voor zijnsontwikkeling zie: Hoe bereik je het Zijn?, Wat biedt NLbe?, Wat zijn de producten van NLbe?

 

Terug naar artikelen.