WRR maakt geen onderscheid tussen publiek en privaat

Interessant dat de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid geen onderscheid maakt tussen het publieke en private belang. Want dat onderscheid is aleen weg in het Zijn. Het Zijn is immers de toestand waarin de tegenstellingen en dus ook de tegenstelling publiek c.q. geheel en privaat c.q. deel geïntegreerd en daarmee overstegen zijn. Hetgeen concreet betekent dat het Zijn zich niet laat sturen door belangen, maar door de Wil van het Geheel, het leven zelf, dat niet gekend maar alleen ervaren kan worden als de impuls tot manifestatie in het hier en nu. In dit licht kan het rapport van de WRR als wegbereiding van zijnsontwikkeling worden aangemerkt, ook al heeft de WRR het daar niet over. Maar wie weet geschiedt dat nog eens als ze bereid zijn kennis te nemen van het Zijn.
Professor Ankersmit vindt het weglaten van dit onderscheid teleurstellend en pleit daarom voor een orde die minimaal neutraal is ten aanzien van de staat en de samenleving oftewel van het publieke en private belang. Dit ondanks het feit dat hij, zoals hij zegt, niet zou weten wat die orde zou kunnen zijn. Gezien het feit dat de wetenschap zich nog verre houdt van het Zijn is het logisch dat de heer Ankersmit die orde niet kent.
Bron: NRC 19 mei 2012

De kwantumsprong van ego naar Zijn, waarin in eerste instantie het ego vrij spel heeft, zorgt ervoor dat mensen onafhankelijker worden van de waarheid, de dogma's, van de instituties. In de politiek manifesteert dit zich in de vorm van het negeren van de instituties. Hoewel het aannemelijk is dat dit geschiedt vanuit het ego en niet vanuit het Zijn, kan worden gesteld dat dit de zijnsontwikkeling bevordert. Dat dit zo is, betekent natuurlijk niet dat het klakkeloos geaccepteerd moet worden.
Volgens dit bericht ben je nooit meer alleen al je altijd online bent. Dat kan worden aangemerkt als wegbereiding van zijnsontwikkeling, omdat het Zijn de toestand van één zijn oftewel van online zijn met het Geheel, het Al, het leven zelf, God is dat er altijd is en waardoor je je dus nooit als alleen ervaart en je internet dus niet nodig hebt om je niet alleen te voelen.




Het systeem waarmee de wereld functioneert werkt niet meer. De crativiteit en de productiviteit van de beroepsbevolking is tezamen met de openheid van het systeem van het allergrootste belang. Dat is een regelrechte oproep niet het systeem, maar de mens centraal te stellen. Het Zijn is de toestand waarin de mens volmaakt centraal staat. De oproep van Brooks is derhalve wegbereidend voor zijnsontwikkeling.

Het Zijn wordt gerealiseerd door zelfacceptatie of, in het licht van dit artikel uit de NRC van 5 mei 2012, door zelfaandacht. De kwantumsprong van ego naar Zijn, die de mens op zichzelf terugwerpt en dus al zijn houvast ontneemt, zorgt ervoor dat de noodzaak daartoe en de wenselijkheid daaromtrent drastisch toeneemt. James Kennedy en Hans Boutellier hebben dat goed aangevoeld. Hopelijk zullen ze gaan begrijpen dat voornoemde kwantumsprong aan hun waarnemingen ten grondslag ligt en dat ze die sprong zullen bevorderen, want dat ontbreekt nog.
Ga het gesprek aan over de rommeligheid van de wereld. Dat is wat Marjolein Februaris ons aanbeveelt voor het oplossen van de grootste problemen van Nederland. Haar conclusie is dat we regels weer moeten gaan beschouwen als richtsnoer en niet louter als criteria voor beoordeling achteraf. Daarmee houdt zij in wezen een pleidooi voor de acceptatie dat de wereld niet te beheersen valt en er dus pijn geleden wordt. Aangezien het Zijn de staat is waarin die acceptatie vervolmaakt is, is haar pleidooi een pleidooi voor zijnsontwikkeling en daarmee wegbereiding van zijnsontwikkeling.




Als verlangen het leven betekenis geeft, dan geven alle gevoelens het leven betekenis. Dus ook haat, jaloezie, begeerte, angst, enz. Maar is dat de betekenis die we in wezen willen? Nee, want gevoelens behoren tot het intrinsiek onvervulde ego en niet tot het intrinsiek vervulde Zijn waar we als sinds het begin der tijden naar streven. Toch kan de uitspraak van Coen Simons als wegbereidend van zijnsontwikkeling worden aangemerkt, omdat het een oproep tot acceptatie van gevoelens en daarmee tot zijnsontwikkeling is en omdat in het Zijn het (ware) geluk huist waar Coen Simon in wezen naar op zoek is.